Negatieve getallen 1 | het nieuwe getal -5

min getallen |  min-getal | negatief getal | graden onder nul | negatief bezit ofwel een schuld

min getallen

rekenen met getallen
negatieve getallen
oefening 2 en 3

Videotekst

min vijf

Hier staat “min vijf”.
Denk je dan ergens aan, en zo ja, waar denk je dan aan?
Waarschijnlijk denk je aan koude en sneeuw en schaatsen, want het kan bijvoorbeeld min vijf graden zijn.
De temperatuur is dan vijf graden onder de nul.
Op een kwikthermometer kun je dat goed zien.
Het kwik staat lager dan de nul.

graden onder nul

Op de thermometer zit een soort getallenlijn.
We kunnen hem draaien en dan kun je het helemaal goed zien.
Er onder is nu een getallenlijn getekend zonder al die dingetjes.
En je ziet nu dat er links van de nul ook getallen staan.
En we kunnen nu ook bijvoorbeeld die min vijf tekenen, dat is hier, -5, en dat is ook echt een nieuw soort getal.
De min hoort bij het getal.

schulden

Bij het getal -5 kun je ook denken aan een schuld.
Elsie leent bijvoorbeeld van Martine 5 euro en koopt er een cadeautje van.
Als ze verder ook helemaal geen geld had, dan is haar bezit nu negatief.
Ze heeft een bezit van -5 euro.
Je kunt dus +12 euro hebben, maar je kunt ook -5 euro hebben.

negatieve getallen op de getallenlijn

Getallen met een min heten negatieve getallen.
Je ziet ze hier weer op de getallenlijn.
Dit zijn de negatieve getallen.
De getallen rechts van de nul heten de positieve getallen.
Dit zijn de positieve getallen.
Bij die positieve getallen kun je ook een + er voor zetten.
Dus je hebt nu +1, +2, enz. en links heb je de negatieve getallen.
Daar moét een min voor staan, bij de positieve getallen hoeft dat niet persé maar het is wel duidelijk vaak om dat ook te doen.

een negatief getal is een nieuw soort getal

-3 is dus een nieuw soort getal.
De min hoort bij het getal, je moet het zien als een geheel.
Ik teken er daarom gewoon een doosje omheen.
Dit is een nieuw getal, een negatief getal, en je kunt er bij denken aan bijvoorbeeld een schuld.

omcirkel de getallen; de + of – hoort bij het getal!

-3+5+-7–8
Dit ziet er een beetje ingewikkeld uit maar het enige dat we nu willen doen, laten zien, is: wat zijn nu de getallen?
Ik zal het even voordoen.
We maken er pakjes omheen.
Hier heb je het getal -3, hier heb je het getal +5, hier het getal -7 en hier het getal -8.